PAS-les

December 2021

De afgelopen tijd hebben we als opwarmertje vaak een rekenpuzzel met plaatjes opgelost. In het begin was het heel lastig, maar door het vaker te doen worden de leerlingen er steeds handiger in. Zo kwamen ze met elkaar tot de conclusie dat er altijd één deel is met een hulpsom. Dat is de som waarmee je weer verder kunt om een ander deel op te lossen van de hele som. Dit deel van de som zoek je als eerste en daar begin je dan mee.  

De afgelopen weken hebben de leerlingen geprobeerd zelf eenzelfde soort som te bedenken. En dat viel nog niet mee. Bij de eerste poging waren ze vooral bezig om een zo’n moeilijk mogelijke som te maken voor de andere leerlingen. Maar toen we elkaars sommen gingen uitrekenen bleek het niet te doen. Wat waren we nu vergeten en wat ging hier nu mis? We hebben hierover met elkaar gepraat en onze sommen nog eens bekeken. We spraken af om nog een poging te doen in de volgende les.  

De volgende Pasles gingen we weer aan de slag. We bekeken nog eens een bestaand voorbeeld en de leerlingen vroegen zichzelf af waarom deze puzzel wel goed door hen was op te lossen. De hulpsom was erg belangrijk. Maar daarnaast was het heel belangrijk om er rekening mee te houden dat de persoon die jouw som oplost niet jouw gedachten kan lezen. Je moet je dus een beetje verplaatsen in de persoon die jouw som mag oplossen. Je moet genoeg weggeven om tot een oplossing te komen. En je moet dus zorgen dat de betekenis van ieder plaatje gevonden kan worden om de som op te lossen. Goed plannen, vooruitdenken en inleven in de ander dus! Het bleek nog steeds niet gemakkelijk om een plaatjessom te bedenken die goed is op te lossen, maar het ging al veel beter. Er werd goed bij elkaar gekeken. Elkaars sommen werden bekeken, er werd aangepast en uiteindelijk konden de meeste sommen door een ander worden opgelost. Een leuke en pittige opdracht.

November 2021

De Doordenkers kwamen weer op bezoek in de Pasles. In het ideeën toestel hebben de Doordenkertjes een woordentoestel. Je stopt er een woord in en er komen allerlei andere woorden uit. Daar maken zij dan weer nieuwe woorden en zinnen mee. Het woordentoestel doet het niet zo goed meer, vandaar dat de hulp nodig was van onze Paslesgroep.  

De doordenkers willen graag nieuwe metaforen hebben. Zo rood als een tomaat, als sardientjes in een blik, zo mager als een lat kennen we al in onze taal. Maar kunnen de leerlingen ook nieuwe bedenken met natuurlijk een goede uitleg van de betekenis daarbij? 

Iedere leerling nam 3 woordjes uit het lettertoestel en bedacht daarmee en nieuwe metafoor. Dat deden ze een aantal keer. Daarna zochten ze de beste uit en schreven deze op een blad en maakte er een tekening bij. Voor de klas vertelde ze aan elkaar wat ze hadden bedacht. 

De tekening werden in het lokaal opgehangen. De leerlingen uit groep 6, 7 en 8 die bij Juf Andrea en meester Wil op woensdag in de Pasklas zitten kregen van ons de vraag of ze eens naar onze nieuwe metaforen wilde kijken en er een briefje bij wilde plakken met daarop wat ze dachten dat de betekenis zou kunnen zijn. Daarnaast kregen we ook nog goede tips van de leerlingen uit de Pasklas. 

De woensdag erna werd er gelezen wat er allemaal voor uitleg was gegeven aan de nieuwe metaforen. Ze vonden het heel leuk dat de Pasklas leerlingen zo goed naar hun metaforen en tekeningen hadden gekeken. Een aantal metaforen waren duidelijk en er zaten briefjes bij met een goede uitleg. Bij andere was het wat lastiger om te bedenken wat de maker er mee had bedoeld.  We bespraken met elkaar de tips die we hadden gekregen. De metaforen met tekeningen zijn mee naar huis genomen. 

Oktober 2021

De afgelopen weken hebben we geleerd en gesproken over de hersenen en over wat er in je hersenen nu eigenlijk gebeurt als je leert. En wánneer leer je nu eigenlijk?

We begonnen deze lessen met het maken van een woordweb over wat we al weten van ons brein. Daarna hebben een aflevering van School TV gekeken. Vervolgens hebben we het woordweb aangevuld met alle weetjes die wij in de aflevering van School TV hebben gehoord.

Ook hebben we een filmpje gekeken over de neuronen in onze hersenen. Wanneer je leert krijg je in je hersenen nieuwe verbindingen. Een soort weggetjes. Eerst is het een dun touwtje, daarna een voetpad, fietspad en als iets al heel goed lukt een snelweg. Wanneer je alleen maar doet wat je al heel goed kan, worden er minder nieuwe verbindingen (weggetjes) in je brein gemaakt. Juist wanneer je iets moeilijks doet en niet opgeeft ben je aan het leren. Soms is iets zo moeilijk, dan kom je in de leerkuil. Je wordt bijvoorbeeld gek van die moeilijke som, maar als je goede gereedschappen gebruikt om uit die kuil te klimmen is je brein weer iets getrainder. Die gereedschappen kunnen misschien zijn dat je doorzet, dat je hulp vraagt dat je niet op geeft of dat je het later nog eens probeert.

De leerlingen kregen een lastig woord mee om thuis en op school te oefenen. Parasaurolophus. Wie lukt het om dit woord volgende week goed te kunnen zeggen en schrijven? En hoe ga je dit aanpakken. Hoe leer je en hoe zorg je dat je het niet gaat vergeten? De week erop konden de meeste leerlingen dit woord foutloos opschrijven en uitspreken.
Natuurlijk was het ook

Kinderboekenweek in oktober. Het thema was: Worden wat je wilt. Wat wil je worden en wat moet je daar nog voor leren? Daar hebben we over gesproken. Vervolgens hebben we samen het prentenboek: Roza Rozeur ingenieur gelezen.

De laatste week voor de herfstvakantie hebben we samen een heel lastig liedje met bewegingen geoefend. Bij elk woord hoort een beweging en het liedje gaat steeds sneller. Zaten we daar allemaal gezellig in de leerkuil, het lukt de eerste keer niet. “Júúúúf stop het gaat te snel”! Nog maar eens proberen. En ja hoor, het ging al beter.

Voor wie het thuis nog eens wil oefenen: De Bim Bum clapping song 

De rest van de Pasles hebben we samen (denk) spelletjes gedaan. Er werd gekozen voor Master mind, RuschHour en Wie heeft het gedaan?

Fijne herfstvakantie allemaal!

September 2021

Ter kennismaking kregen de leerlingen deze eerste Paslles van dit schooljaar de opdracht om, met gebruik van hun namen, in de volgorde van het alfabet te gaan staan. Zo leerde ze mooi elkaars namen nog een beetje beter kennen.

Daarna kregen we bezoek van Het Ideeëntoestel. In het Ideeëntoestel wonen de Doordenkertjes. Deze doordenkertjes verzinnen en bedenken van alles. De lessen uit het Ideeëntoestel komen uit het boek over het Ideeëntoestel. Het is een verhalend concept waarbinnen activiteiten worden aangeboden die als doel hebben om creatief denken te stimuleren en te ontwikkelen. Het ideeëntoestel is een soort vliegende theepot, bewoond door eigenaardige mannetjes die zichzelf Doordenkers noemen.
Van de Doordenkers kregen we de afbeelding van het Kunstwerk van Klaas Gubbels: De Spinketel. Er werd nagedacht over waar deze tekening ons allemaal aan deed denken. Het was even inkomen, maar toen gingen de remmen los: een theepot op het vuur, een alien-ruimteschip, een kikker, een inktvis, een olifant, een klimtoestel met glijbaan. Vervolgens gingen de kinderen aan het werk. De opdracht was om van het kunstwerk een ander kunstwerk te maken.

De tweede les begonnen we weer met een opwarmertje. De leerlingen kregen iets waarvan ze niet precies wisten wat of waarvoor het was. Ze mochten er voor zichzelf over nadenken en daarna 5 dingen opschrijven waarvoor ze dachten dit te gaan gebruiken. Daarna kozen ze ieder de beste optie. Met deze optie liepen de leerlingen door de klas om hun idee aan elkaar aan te prijzen. Vervolgens was er nog voldoende tijd over om de kunstwerken/ uitvindingen van vorige week af te maken. Aan het einde van de les presenteerde iedere leerling voor de klas wat ze hadden gemaakt van De Spinketel. Er kwam onder andere een waterpark met glijbaan langs, een chil-plek, een boze olifant en 4 slakken die in 1 huisje wonen. De leerlingen hebben de kunstwerken mee naar huis genomen.
Toen ze de deur uitliepen waren ze alweer nieuwsgierig wat we volgende week zouden gaan doen.

Maart 2021

De leerlingen van de Pasles hebben de hun laatste opdracht bij de Pasles afgesloten. Hiernaast leest u een verslag van Fae en tips van Luna.

December 2020

In de maand november en december zijn de leerlingen van de Pasles uit groep 5 bezig geweest met het uitvoeren van hun zelfstandig onderzoek. In groepjes van 3 bedachten ze een onderzoeksvraag die door hun vragenmachinetje kwam en waarmee ze aan de slag konden. De vragen moesten voldoen aan de goede criteria en werden daarop beoordeeld door de andere groepjes. De volgende onderzoeksvragen zijn bedacht:

1. Maakt het verschil voor een plant als deze water of cola krijgt om te drinken?
2. Kun je beter dingen onthouden in het licht of in het donker?
3. Zijn bellenblaasbellen goed te voelen op je hand?

De leerlingen bedachten een hypothese voor hun onderzoek, beschreven nauwkeurig hoe ze het onderzoek zouden uitvoeren, schreven op wat ze nodig hadden en maakten een taakverdeling. Natuurlijk moest er ook goed worden nagedacht hoe ze er voor konden zorgen dat het onderzoek eerlijk was. Er mocht maar 1 variabele zijn. Ook moest er van tevoren worden nagedacht hoe ze de resultaten van het onderzoek zouden noteren. Dat was nog best lastig al die voorbereidende werkzaamheden. Eigenlijk gingen ze het liefste gelijk aan de gang met de uitvoering van het onderzoek.

De onderzoeken zijn na alle voorbereidingen natuurlijk ook echt uitgevoerd. De leerlingen zijn met de uitkomsten van hun onderzoeken aan het werk gegaan om voor de klas een presentatie te maken over het doen van een zelfstandig onderzoek. Helaas gingen de scholen dicht tijdens het maken van hun presentaties. Ze hebben ze daarom niet af kunnen maken en niet in de klas laten zien.

November 2020

Welke bal stuitert het hoogst? Dat was de onderzoeksvraag waar we deze les mee aan de slag gingen. Doel van deze les was om de leerlingen te laten ontdekken hoe je een onderzoek eerlijk kunt uitvoeren. Hiervoor gebruikten we het werkblad voor eerlijk onderzoek van het wetenschapskooppunt van de Radboud Universiteit. Ieder groepje kreeg verschillende ballen. Van verschillende grote, verschillend materiaal en verschillend gewicht. Eerst gingen de leerlingen zelf uitproberen met de ballen. En al snel waren er een aantal leerlingen die vonden dat er verschillende dingen van invloed konden zijn op de uitslag van hun onderzoek. Er moest wel rekening gehouden worden met de hoogte of de kracht waarmee de bal werd gegooid. Tijdens het nabespreken kwamen de leerlingen ook tot de conclusie dat het ook uitmaakt waar de bal van is gemaakt of hoe groot deze is. Deze verschillen noemen we de variabelen. Als je wilt weten hoe het komt dat sommige ballen hoger stuiteren dan andere, hoe onderzoek je dat dan? Hoe weet je wat de reden is dat één van de ballen hoger stuitert? Als je dat wilt onderzoeken, moet je een eerlijk onderzoek doen. Al pratend kwamen we tot de conclusie dat er maar 1 verschil (variabele) mag zijn en dat je de rest gelijk moet houden.

Dus bijvoorbeeld: als je twee ballen vergelijkt waarvan de één groter is en van een ander materiaal en je ziet dat deze hoger stuitert, dan weet je niet of het door de grote of door het materiaal van de bal komt.

September 2020

We zijn dit schooljaar in de Pasles begonnen met het maken van een vragenmachientje. Het vragenmachientje gaat ons helpen bij bedenken van goede onderzoeksvragen. Onderzoekend leren begint met een interessante vraag die je ook écht kunt onderzoeken. Goede onderzoeksvragen bedenken is soms lastig. Vaak worden er vragen bedacht waar leerlingen vaak het antwoord al op weten of vragen die niet goed onderzoekbaar zijn. We gaan oefenen met het bedenken van goede onderzoeksvragen. Komt de vraag door het vragenmachientje? Dan is het vast een goede onderzoeksvraag. En we gaan natuurlijk ook één van onze vragen onderzoeken.

November 2019

De leerlingen uit de groepen 4 en 5 hebben zelf metaforische uitdrukkingen gemaakt. Door niet voor de hand liggende vergelijkingen te gebruiken maken de leerlingen vaak toevallige verbindingen tussen kennis en ervaringen die op het eerste gezicht niets met elkaar te maken hebben. Dat is de weg naar compleet nieuwe inzichten en mogelijkheden.

De doordenkers hebben de hulp van de leerlingen nodig. Normaal gesproken gebruiken zij het lettertoestel om nieuwe woorden en zinnen te maken. Maar het lettertoestel werkt niet zo goed meer. Vandaar dat de hulp nodig was van de onderzoekers in onze Pasles.

De leerlingen hebben eerst eens bedacht welke metaforen we al kennen bijvoorbeeld zo dun als een rietje, zo ver als de maan, zo rood als een tomaat. Daarna mocht elke leerling 3 woorden uit het lettermachientje pakken en bedacht dan zelf een nieuwe metafoor. Dat deden ze verschillende keren. Zo kwamen er een heleboel leuke ideeën op papier te staan. Vervolgens werd de beste uitgekozen. Het bedenken van de betekenis van de metafoor was ook nog best ingewikkeld. Daarna werd de zelfbedachte metafoor op papier gezet en er werd een mooie tekening bij gemaakt. Een voor één werd de metafoor met de betekenis aan de andere leerlingen gepresenteerd. En al die mooie nieuwe metaforen hangen nu aan de muur te pronken voor de doordenkers. Die mogen onze mooie ideeën gebruiken.

De leerlingen uit groep 4 bedachten:
Als er een druppel valt is dat mijn gedicht
Ik wou de bus uit maar was vergeten te drukken
Zo dom als een boom in de grond
Je moet altijd blijven duiken bij een film
Zo dom als een ezel
Gewoon zinnen overhouden
Je droomt zo mooi als een paard en een fles
Als je binnen slaapt hoef je geen sokken te breien
Dansen als de zon

De leerlingen uit groep 5 bedachten:
Je moet de kip niet in de pan laten vallen
Nachten maken schapen blij
Zo vergeetachtig als een deur
Ik ben sterk van rennen op de maan
Als ik een brief stuur naar de aap en de slang sturen ze nooit meer terug